U bent hier

Michiel Janssens tipt ‘Aaron’ van Ben Gijsemans

“Lezen is voor mij een manier om te kalmeren en me terug te trekken uit de wereld; wanneer ik een boek open, gaat de deur naar de echte wereld even toe. Ik heb een zeer onrustige geest en lezen geeft me de mogelijkheid om mijn gedachten stil te leggen en mentale rust te vinden. Ik heb steeds een boek bij me en een van de ergere dingen die me kan overkomen, is dat ik ergens moet wachten zonder lectuur.”

Illustratie van Levi Jacobs voor 1 Stad, 19 Boeken (2021) © Muntpunt
Naam Michiel Janssens
Beroep / functie
(wat doe je in het dagelijkse leven?)
Ambtenaar
Gemeente Kraainem
Nationaliteit Belg
Leeftijd 47
Lid van Nederlandstalige Brusselse bibliotheek van Sint-Pieters-Woluwe
Favoriete leesplekje in Brussel Lezen kan momenteel enkel tijdens gestolen momenten;
meestal in bed (dat niet in Brussel maar in Kraainem staat).
Favoriete drankje bij het lezen Thee

 

Je koos ‘Aaron’ van Ben Gijsemans. Wat zegt deze keuze over jou?
Het is een boek over een heel gevoelig thema. Hoewel ik niet erg sociaal aangelegd ben en niet noodzakelijk erg positief over de mensheid denk, observeer ik wel graag mensen. Door mijn opvoeding en ervaringen denk (en hoop) ik voldoende ruimdenkend te zijn.

Menselijk gedrag, hoe vreemd (en soms afschuwelijk) ook, is het resultaat van een samenloop van tal van factoren. Het is daarom makkelijk, maar vaak niet rechtvaardig, om mensen snel te be- of veroordelen zonder de moeite te doen om op z’n minst na te denken over hun achtergrond.

Begrip staat zeker niet synoniem voor goedkeuring maar het is belangrijk om de oefening te doen. Ik kies dan ook vaak voor literatuur, strips en graphic novels waarin het bijzondere van gewone mensen centraal staat. Bij voorkeur de kleine kantjes, die iedereen wel heeft en die zo divers kunnen zijn.

Waarom moet iedereen dit boek lezen? Waarom is het jouw favoriet, wat spreekt je erin aan?
De bijna klinische en uiterst rustige stijl waarin het boek geschreven en getekend is, neemt een groot deel van de emoties rond dit uiterst gevoelige thema weg. Daardoor kan je je als lezer volledig concentreren op de ervaringen en gewaarwordingen van het hoofdpersonage, Aaron.

Het boek geeft op die manier heel goed weer hoe hij worstelt met zijn pedofiele gevoelens en illustreert het de tweestrijd tussen zijn gevoelens en zijn verstand haarfijn en sereen. Dit zorgt er hopelijk voor dat “de pedofiel” niet noodzakelijk gezien wordt als kidnapper en verkrachter; hij krijgt een menselijke gedaante krijgt in de vorm van een jonge student die niet dreigend overkomt en zich, zoals wij allen wel eens, overweldigd en stuurloos voelt in zijn gevoelens.

De sfeer die gecreëerd wordt door Ben Gijsemans laat je als lezer toe om in alle rust deze wel heel bijzondere gevoelens te observeren en na te denken over hun complexiteit. Het boek kent geen gesloten einde en dat stimuleert je als lezer om de vraag te stellen “En wat nu?”.

Welke zin is je het meest bijgebleven? Waarom?
“Gewoon doen. Gewoon normaal doen. Zoals een normale jongen.” (p.174). Met deze woorden probeert Aaron zichzelf te overtuigen om naar een feestje te gaan met een meisje dat duidelijk interesse in hem heeft.

Enerzijds is het de wens en de ambitie van (bijna) elke adolescent om aanvaard te worden door de wereld en dat kan door “normaal” te zijn. Anderzijds krijgt de zin in deze context een, in mijn ogen, pijnlijke bijklank omdat het bevestigt dat Aaron wéét hoe onaanvaardbaar zijn gevoelens zijn en hij hoopt ze met rede te kunnen onderdrukken.

Waarom is lezen belangrijk voor jou? Wie of wat heeft jouw leesplezier gevoed?
Mijn ouders zijn beide veellezers en ik heb altijd in boekenhuizen gewoond. Lezen is voor mij een manier om te kalmeren en me terug te trekken uit de wereld; wanneer ik een boek open, gaat de deur naar de echte wereld even toe. Ik heb een zeer onrustige geest en lezen geeft me de mogelijkheid om mijn gedachten stil te leggen en mentale rust te vinden. Ik heb steeds een boek bij me en een van de ergere dingen die me kan overkomen is dat ik ergens moet wachten zonder lectuur.

Hoe kies jij welke boeken je gaat lezen?
Ik ben absoluut niet op de hoogte van wat er leeft in de literatuur en leer schrijvers en schrijfsters meestal louter toevallig kennen. Wanneer ze me bevallen, zal ik dan meestal ook het hele oeuvre lezen en hen zo goed en zo kwaad als mogelijk proberen te volgen.

Koppig – en waarschijnlijk ongerechtvaardigd, maar goed – heb ik überhaupt geen interesse meer voor Nederlandstalige literatuur. Nadat we op de middelbare school klassiekers als Hermans, Mulisch, Reve en Elsschot hebben gelezen was dat voor mij een afgesloten hoofdstuk.

Ik lees al bijna 30 jaar enkel in het Engels en tenzij het echt niet anders kan koop ik enkel tweedehands. Ik vind het fijn om me voor te stellen dat iemand anders, bij voorkeur op een ander continent, hetzelfde boek al in zijn/haar handen heeft gehad en ervan heeft genoten. Als enthousiast reiziger vermoed ik dat Nederlandstalige boeken me gewoon teveel in België houden; het onder-de-kerktoren-gevoel.

Ik heb een aantal lievelingsauteurs, van wie ik alle nieuwe werken (tweedehands) lees en voorts pik ik hier en daar in artikels, besprekingen en op het internet auteurs en titels mee waarvan ik vermoed dat ze interessant kunnen zijn voor mij. Als ik eens door mijn boekenkast ga stel ik vast dat het gros van mijn boeken van Amerikaanse schrijvers en schrijfsters is.

Wat zijn voor jou de ingrediënten van een goed boek? Waar knap je op af?
Zoals al aangehaald zoek ik in een boek graag het bijzondere van gewone mensen. De diepgang van de personages en eventuele interactie is voor mij dan ook belangrijker dan de stijl. Ik ben niet noodzakelijk op zoek ben naar woorden- en zinnenkunstenaars/kunstenaressen. Een heel eenvoudige vertelstijl ligt mij het beste. Ik knap dan ook af op hoogdravende en gekunstelde beschrijvingen.

Naast intermenselijke relaties laat ik me ook verleiden door boeken waarin ik de wereld even kan afzetten en me elders kan wanen. Als liefhebber van het hooggebergte kan dat bijvoorbeeld met een mooie roman over de bergen maar ook goede fantasy – moeilijk om te vinden – kan zo bij tijd en wijlen wonderen verrichten.

Wat is jouw band met Brussel? Hoe ben je er terechtgekomen?
Met uitzondering van een aantal jaren heb ik mijn hele leven in, of heel dicht bij, Brussel gewoond en vele jaren – nu nog steeds - in het centrum gewerkt. Ik heb er ook gestudeerd. Omdat ik een aantal jaren bij de politie ben geweest in één van de Brusselse zones, zijn veel plekken onlosmakelijk verbonden aan herinneringen aan gebeurtenissen in dat kader. Ik heb de stad daarom ook veel ’s nachts beleefd, aan een heel ander ritme en met een heel andere dynamiek dan overdag.

Brussel is een vreemde stad. Een bizarre hoofdstad van een bizar land. Als hoofdstad van Europa heeft het een ontzettend internationaal karakter met de maat van een uit zijn krachten gegroeide provinciestad. Op veel vlakken doorstaat Brussel de vergelijking met andere (hoofd)steden moeilijk of niet, maar wat me er zo in aantrekt is waarschijnlijk die underdogstatus. Een beetje willen maar niet kunnen, wat ongedefiniëerde ambities in combinatie met een zekere arrogantie en een dosis je-m’en-foutisme. Bij nader inzien eigenlijk wel een gepaste hoofdstad voor ons vreemde land. En wanneer er kritiek geuit wordt op Brussel sta ik vreemd genoeg steeds op de barricades om de stad te verdedigen.

Toch kan je moeilijk te spreken van “Brussel” omdat de 19 gemeenten alle hun eigen identiteit hebben. Ik ken het noorden en oosten van Brussel bijvoorbeeld erg goed maar kan verloren rijden in het zuiden en het westen. Ten slotte leef ik al meer dan 15 jaar in Kraainem maar stel ik me nog steeds voor als “uit Brussel”. Gelukkig is de grens met Brussel (Sint-Pieters-Woluwe) maar 300m ver en ligt de Nederlandstalige bibliotheek de Lettertuin op makkelijke wandelafstand.  

Hoe ziet jouw ideale zomervakantiedag in Brussel eruit? Wat bezoek je, waar ga je iets eten of drinken, shoppen of chillen…?
Mijn vrouw en ik komen nog maar zelden in het centrum maar wanneer het lukt zou dit een leuk programma zijn: een bezoekje aan Pêle-Mêle om door de tweedehands boeken te gaan, ’s middags eten bij de Thai in de Van Praetstraat, daarna een koffie in de zon op het terras van Le Soleil (en ondertussen even door de bij PM gekochte boeken gaan) en op terugweg snel Hotel Métropôle binnen lopen om beneden naar het toilet te gaan.

Aaron / Ben Gijsemans
Oogachtend, 2020
206 pagina's

> Zoek dit boek in de bibliotheekcatalogus

Dit interview is deel van 1 Stad, 19 Boeken (2021) – een project van de Brusselse bibliotheken en Muntpunt.