U bent hier

Magaly Rodríguez García tipt ‘Gratie’ van Aravind Adiga

“Lezen is voor mij een oneindig proces van vraag en antwoord: ik ben geboren met alleen maar vragen in mijn hoofd en lezen is een manier om antwoorden te vinden. Die antwoorden zijn er, maar door meer te lezen, ontstaan er ook nieuwe vragen. De blijvende zoektocht naar verklaringen voor dingen waar ik over twijfel of mee worstel, werkt bijna verslavend.”

Hier staat de titel ‘1 Stad, 19 Boeken’ met enkele boeken uit de illustratie van Levi Jacobs.

Een zoektocht in boeken

Als historicus heeft Magaly Rodríguez García van lezen haar beroep gemaakt. Van wetenschappelijk werk tot postmodernistische literatuur, opiniestukken en alles daartussen: alles wijst op het leesprofiel van een literair omnivoor. Ook buiten het werk spelen boeken een belangrijke rol in haar leven. Na de werkuren leest ze vooral fictie en passeren klassiekers als Leo Tolstoj, Thomas Mann en Stefan Zweig de revue. In welk genre of tijdperk ze zich ook vastbijt, lezen is voor haar een oneindig proces van vraag en antwoord: “Ik ben geboren met alleen maar vragen in mijn hoofd en lezen is voor mij een manier om antwoorden te vinden. Die antwoorden zijn er, maar door meer te lezen ontstaan er ook nieuwe vragen. De blijvende zoektocht naar verklaringen voor dingen waar ik over twijfel of mee worstel, werkt bijna verslavend.”

Lezen is niet alleen een zaak van het hoofd, maar ook van het hart. Sommige emoties zijn moeilijk in woorden te vatten maar kunnen wel via boeken worden geuit. Zo kan Magaly met het magisch-realisme van Gabriel García Márquez hardop lachen in bed, waardoor haar man al eens raar opkijkt. Het zich kunnen identificeren met personages kan er dan weer voor zorgen dat ze zich minder ‘abnormaal’ en niet alleen voelt. Een van de thema’s waar ze graag over leest, net omwille van deze herkenbaarheid, is migratie: “Het migratiethema vind ik altijd boeiend omdat ik zelf migrant ben. Wat ik fascinerend vind aan deze verhalen zijn de verschillende ervaringen waarin ongeacht de socio-economische achtergrond van de personages wel vaak hetzelfde gevoel heerst.”

Migratie als topsport

Het hoofdpersonage van Gratie is een jonge migrant uit Sri Lanka die illegaal verblijft in Australië en er leeft van poetswerk bij de middenklasse. Wanneer hij sterke vermoedens krijgt dat een van zijn klanten een moord heeft gepleegd, worstelt hij met zijn geweten: naar de politie gaan en teruggestuurd worden naar Sri Lanka, of zwijgen en de moordenaar vrijuit laten gaan. Dit morele vraagstuk is de rode draad doorheen het verhaal en zorgt voor een spannende leeservaring waarbij je als lezer bijna fysiek meeleeft met het hoofdpersonage en zijn probleem. “Het feit dat je mee zenuwachtig wordt, wekt enorm veel gevoelens op, het maakt je soms boos. Het beeld dat geschapen wordt over het leven van een migrant bleef me ook erg bij. De motivatie om te vertrekken en de hardnekkigheid om te blijven. Die jongen wil absoluut niet terug naar Sri Lanka, de gedachte alleen al vindt hij een nachtmerrie. Dit boek helpt je die angst om gepakt te worden heel goed voor te stellen.”

Naast de gewetenskwestie is ook schuld een belangrijk thema in het boek. Het schuldgevoel om te vertrekken en de verwijten over het achterlaten van vrienden en familie. Ook dit is een universeel gevoel dat alle migranten herkennen. Migratie wordt in het boek ook wel omschreven als topsport: “He was in a game, a big international World Cup or Olympics. In this game, people were running from countries that were burning to not-yet-burning ones.”

“Migranten zijn mensen die constant op de loop zijn, ze vluchten weg van een land dat aan het branden is en komen terecht in erbarmelijke werkomstandigheden in een nieuw land. Ze poetsen toiletten gedurende 5 tot 10 jaar vooraleer ze erkend worden als burger en moeten zich ook nog constant verontschuldigen voor fouten die ze maken. Die vernedering wordt heel goed verwoord in het boek.” Met een treffende schrijfstijl legt Aravind Adiga de complexiteit van de morele vraag van het hoofdpersonage haarfijn bloot. Het hele verhaal is een beschrijving van één dag, minuut per minuut en verweven met flashbacks. In deze zin doet Gratie eer aan veel andere werken van niet-Westerse auteurs, die vaak vertrekken vanuit een postkoloniale blik en een complexe, postmodernistische stijl hanteren.

Mooi, hard, lelijk en prachtig Brussel

Die complexiteit is wat Magaly ook aanspreekt in onze hoofdstad. Brussel is verre van perfect, niet simpel, niet zwart-wit. “Zoals in liefdesrelaties is mijn liefde voor Brussel soms conflictueus. Ik kan enorm gepassioneerd zijn in die liefde maar soms heel boos worden op alles wat er misloopt in de stad. Boos op de politiek en op de samenleving die geen antwoord vindt op al die problemen. Maar de liefde overheerst altijd. De realiteit is niet simpel en Brussel is daarom voor mij de verstedelijkte versie van het postmoderne verhaal: mooi, hard, soms heel lelijk maar vaak ook prachtig.”

Tijdens de zomer is Brussel nog mooier. Het is er veel rustiger, er zijn minder auto’s op de baan en minder volk op straat waardoor je veel meer kan rondkijken. “Brussel is heerlijk in de zomer. Mijn man en ik zijn beide Brusselfanaten en houden ervan gewoon rond te wandelen, verloren te lopen en nieuwe plekken te ontdekken. Zelfs na 23 jaar in de stad blijf ik plekken ontdekken. Dat vind ik misschien nog het tofste aan Brussel.”

Gratie • Aravind Adiga
‘Amnesty’ • vert. Arjaan en Thijs Van Nimwegen
Nieuw Amsterdam, 2020 • 255 p.

> Zoek dit boek in de bibliotheekcatalogus

Dit interview is deel van 1 Stad, 19 Boeken (2020) – een project van de Brusselse bibliotheken en Muntpunt.